Blog

Blijf op de hoogte van ons laatste nieuws
We kampen met de grootste vogelgriepepidemie ooit

Waar leg je de grens?

De huidige pandemie vond haar oorsprong in China, maar de volgende zou best wel eens in Nederland kunnen ontstaan. We kampen met de grootste vogelgriepepidemie ooit en de risico’s nemen toe. Hoogleraar virologie Marion Koopmans: “We moeten de hand in eigen boezem steken.”

Wetenschappers zijn er inmiddels zo goed als zeker van: SARS-CoV-2, het virus dat de huidige coronapandemie veroorzaakte, sprong eind 2019 over van dier op mens. Dat maakt het virus een zogenoemde zoönose. Plaats delict is de Huanan-markt in de Chinese stad Wuhan. Op die markt werden zoogdieren verhandeld, waaronder wasbeerhonden en andere dieren die geïnfecteerd waren met het coronavirus.

In februari 2022 publiceerde een internationaal onderzoeksteam een uitgebreide reconstructie van dat moment via Open Science-platform Zenodo (1). Een van de betrokken wetenschappers is Marion Koopmans, hoogleraar virologie en hoofd van de afdeling Viroscience aan het Erasmus MC in Rotterdam. SARS-CoV-2 is Koopmans’ focus geweest sinds de pandemie uitbrak. Ze reisde voor onderzoek af naar Wuhan en is vaste expert bij het Outbreak Management Team van het RIVM. Voedselvirussen en het norovirus zijn daarnaast haar specialismen.

Vogelgriep bij mensen

Het ontstaan van de coronapandemie kan als een letterlijke ver-van-ons-bed-show voelen, maar we moeten niet te hard naar anderen wijzen, vindt Koopmans. “We moeten de hand ook in eigen boezem steken.” Europa kampt momenteel met de grootste vogelgriepuitbraak ooit, meldde het Duitse Friedrich-Loeffler-Instituut (FLI) in december 2021. Sinds oktober 2021 geldt in Nederland een ophokplicht en er zijn inmiddels 3 miljoen kippen gedood (2).

De kans dat het vogelgriepvirus overslaat op mensen is niet groot, maar omdat er zoveel contactmomenten zijn, raakten tussen 2013 en 2021 wereldwijd toch 863 mensen besmet, van wie ruim de helft overleed. Het bleef steeds bij enkele gevallen en werd nooit een epidemie. Maar als het virus verder muteert, dan kan de kans ontstaan dat het overspringt van mens op mens. Dat gebeurde met variant H1N1, veroorzaker van de Spaanse griep. Rond 1918 stierven 20 tot 40 miljoen mensen aan dit virus. In 1957 en 1958 kwamen zeker 1 miljoen mensen om door de Aziatische griep, veroorzaakt door het H2N2-virus. H3N2 veroorzaakte de Hongkonggriep-epidemie in 1968 en 1969, met 750 duizend doden tot gevolg.

Onrustig beeld 

Meestal is het een wilde (trek)vogel die het griepvirus meeneemt en pluimvee besmet via de ontlasting, maar recent onderzoek van Wageningen Bioveterinary Research wijst erop dat in de Gelderse Vallei, waar de pluimveedichtheid zeer hoog is, mogelijk sprake is van verspreiding van vogelgriep tussen bedrijven onderling (3).

Koopmans: “Ook in het wild zien we een gekke verschuiving. Virussen die eerst bijvoorbeeld alleen in China aanwezig waren, zie je nu permanent in de vogelpopulatie terug. Dergelijke ontwikkelingen laten zien dat de kans op uitbraken, met mogelijk een pandemie tot gevolg, toeneemt.”

Je moet bij een dergelijk scenario twee risico’s onderscheiden, legt de hoogleraar uit. Ten eerste is er het introductierisico ofwel de spillover, het moment dat een virus overspringt op een nieuwe gastheer. “Spillovers gebeuren op plekken waar intensief contact is met wilde dieren en waar habitatverstoring plaatsvindt. Dat gebeurt steeds meer, bijvoorbeeld door het ontginnen van bosgrond voor de productie van soja voor veevoer.”

Het tweede risico gaat over de kans dat een virus na de introductie explosief kan verspreiden. “Dat heeft te maken met de dichtheid van mens en dier, de grootte van bedrijven en wat er gebeurt in die bedrijven. Nederland staat daarbij vooraan in de rij.” Per hectare landoppervlak heeft Nederland de grootste dichtheid veedieren ter wereld. De pluimveedichtheid in Nederland is zes keer hoger dan het Europese gemiddelde, met onder andere meer dan honderd miljoen kippen.

“De organisatie is wel heel goed bij een vogelgriepuitbraak”, zegt Koopmans. Het blijft daardoor steeds bij enkele gevallen, tot nu toe. “In de Gelderse Vallei is het zo dichtbevolkt, dat het de vraag is of het daarbij blijft. Elke keer is er risico op verdere verspreiding. We zien soms infecties in bijvoorbeeld vossen en bunzings. Het is een onrustig beeld.”

Veestapel

De voedingsindustrie moet zich realiseren dat ze een cruciaal onderdeel zijn van de cascade, vindt Koopmans. Betrokkenen moeten structureel kijken wat zij preventief kunnen doen. “De kans op bijdragen aan uitbraken zou bij de hele planningscyclus van een bedrijf moeten gaan horen.” Daar hoort bij dat bedrijven zich anders in gaan richten. Denk aan formaat, locatie en vaccineren tegen vogelgriep. Alles dat de dierdichtheid en omvang van de (pluim)veesector verkleint kan helpen, zoals de eiwittransitie. “Je moet dan wel kijken of de alternatieven geen nieuwe, grotere risico’s met zich meebrengen.”

Verklein je de veestapel, dan heeft dat een dubbel effect op de eerdergenoemde risico’s. De lagere veedichtheid geeft direct een verkleining van het risico op explosieve stijging. Ook is er minder soja nodig voor veevoer, wat de kans op spillovers verkleint omdat er minder habitatverstoring plaatsvindt. “De problemen ontstaan daar waar frictie is tussen enerzijds expansiedrift van de mens, bijvoorbeeld wat betreft inefficiënt geproduceerd voedsel zoals dierlijke eiwitten, en anderzijds de ecologische ruimte die nodig is voor de gezondheid van de aarde. De vraag is: waar leg je de grens?”

Beter voorbereiden

De kans op nieuwe pandemieën, door een vogelgriepvirus veroorzaakt of niet, is zeer reëel. En als Koopmans één boodschap zou mogen overbrengen, dan is het: we moeten ons beter voorbereiden. Daarom richtte de hoogleraar in 2020 het Pandemic & Disaster Preparedness Centre (PDPC) op, een kenniscentrum waar topwetenschappers van onder andere TU Delft en Erasmus Universiteit Rotterdam samenkomen. De transitie in de veehouderij is een van de onderwerpen waar plannen voor worden uitgewerkt. “Niet alleen vanwege virusrisico’s, maar vooral vanwege milieubelasting”, zegt Koopmans. “De filosofie van PDPC is dat je niet vanuit één denkrichting naar zulke complexe problemen kunt kijken, laat staan oplossen. Een oplossing voor uitstoot bij bedrijven, kan op een andere plek wellicht nieuwe problemen geven. Dat zie je nu bij de discussie rondom schaalverkleining van veehouderijen. De landbouw zoals die nu is, komt voort uit onder meer de relatief hoge kansen op dierziektes in oudere boerderijsystemen. Wil je daarnaar terug, bijvoorbeeld door meerdere diersoorten bij elkaar te zetten, dan moet dat gebeuren zonder die oude risico’s weer even hoog te maken.”

Corona- en vogelgriepvirussen zijn tot nu toe niet food born, maar het is niet ondenkbaar dat er een pandemie ontstaat met een virus dat wel via de voedselketen verspreid wordt. Koopmans: “De voedingsindustrie is zich daar zeker bewust van en er is een en ander geregeld, maar we moeten het beter monitoren. Daar is momenteel vooral aandacht voor als het gaat om luchtweginfecties. Ik denk dat voedselgerelateerde infecties daarbij moeten komen.”


 Referenties
 (1) Michael Worobey, Joshua I. Levy, Lorena M. Malpica Serrano, et al. (2022). The Huanan market was the epicenter of SARS-CoV-2 emergence. Zenodo. https://doi.org/10.5281/zenodo.6299116
(2) https://nos.nl/index.php/video/2427821-vogelgriep-gaat-niet-meer-weg
(3) https://www.wur.nl/nl/Onderzoek-Resultaten/Onderzoeksinstituten/Bioveterinary-Research/show-bvr/Analyse-van-virussen-wijst-op-verspreiding-vogelgriep-tussen-bedrijven.htm